Vandaag, 28 januari, is het de Europese Dag van de Privacy. Een datum met een gouden randje, want het is precies 45 jaar geleden dat in 1981 het Dataprotectieverdrag werd getekend. Destijds een revolutionaire stap om onze gegevens te beschermen tegen de opkomende computertechnologie.
Maar anno 2026 voelt dat verdrag bijna als een relikwie uit een andere wereld. Terwijl we stilstaan bij databescherming, geven we aan de andere kant onze privacy massaler weg dan ooit. Niet via formulieren, maar via gesprekken.
We staan aan de vooravond van een nieuw tijdperk. Een tijdperk waarin niet jouw zoekwoorden, maar jouw gedachten en context de handelswaar zijn.
Van zoekwoord naar bekentenis
Denk eens na over hoe je een zoekmachine gebruikt versus een AI-chatbot.
- In Google typ je: “Symptomen burn-out” of “goedkope vlucht Barcelona”. Dit zijn datapunten. Keywords.
- Tegen een AI zeg je: “Ik voel me de laatste tijd compleet opgebrand op mijn werk, mijn baas luistert niet en ik heb echt even een weekje rust nodig in de zon, maar ik heb niet veel budget. Wat raad je me aan?”
Zie je het verschil? De AI krijgt geen keywords; de AI krijgt context, emotie, financiële status en relationele problemen. We praten tegen AI zoals we tegen een vriend of therapeut praten. En die informatie is voor marketeers de heilige graal.

De “alles-of-niets” valstrik
Veel gebruikers realiseren zich niet dat bij de meeste gratis AI-modellen de instellingen vaak binair zijn: wil je je chatgeschiedenis bewaren voor je eigen gemak? Dan geef je vaak in dezelfde klik toestemming om je data te gebruiken voor “training”.
Dat klinkt onschuldig (“We maken het model slimmer”), maar in de data-economie betekent “training” vaak het bouwen van gedetailleerde profielen. Jouw prompts trainen het model niet alleen in taal, ze trainen het systeem in het begrijpen van jou.
De browser en AI smelten samen
De grootste verandering die we nu zien, is de integratie van AI direct in de browser. We “zoeken” niet meer, we “browsen” niet meer; we laten de AI het web voor ons samenvatten.
Hierdoor ontstaat een gesloten ecosysteem. De AI weet:
- Wat je vraagt (je prompt).
- Wat de AI antwoordt.
- Op welke link je daarna klikt (of juist niet klikt, omdat de AI het antwoord al gaf).
Dit geeft techgiganten een 360-graden beeld van jouw intentie dat veel accurater en diepgaander is dan de cookies waar we ons 45 jaar geleden nog geen zorgen over maakten.
Het advertentiemodel van de toekomst
Waarom is dit relevant voor advertenties? Omdat de advertenties van de toekomst niet meer als banners in de zijbalk zullen staan. Ze zullen naadloos verweven worden in het antwoord van de AI.
Stel, je vraagt de AI om advies voor dat “weekje rust”.
- Oude Search Ads: Een banner voor een vliegmaatschappij of boekingssite in de zoekresultaten.
- Nieuwe AI Ads: De AI antwoordt empathisch: “Het klinkt alsof je echt even moet opladen. Gezien je budget en je behoefte aan rust, is Hotel X in Valencia een aanrader. Ze hebben momenteel een ‘wellness-deal’ speciaal voor mensen die rust zoeken.”
Dit voelt niet als reclame. Het voelt als advies op maat. Maar op de achtergrond is er betaald om precies op jouw emotionele gemoedstoestand (stress, budget, behoefte aan zon) te targeten. Adverteerders betalen straks niet meer voor de zoekterm “hotel”, maar voor jouw specifieke “state of mind”.
Conclusie: een nieuwe definitie van bescherming
Op deze Dag van de Privacy moeten we ons realiseren dat de regels van 1981 niet meer voldoen voor de realiteit van 2026. We ruilen onze zoekmachines in voor AI omdat het makkelijker is. Maar we moeten ons bewust zijn van de transactie.
Zolang de knop “Geschiedenis bewaren” onlosmakelijk verbonden is met “Model trainen”, bouwen we met elke vraag mee aan een marketingmachine die ons beter kent dan wij onszelf kennen.
